Wereldjutten!
Frommelkaart
Bij wereldjutten gaan we met de straatjutten-attitude naar andere werelden. Dat kunnen andere branches zijn, maar ook heel andere ’werelden’, zoals de dierentuin, Disney of een museum. Of je kunt heel bewust in andere landen gaan kijken. Ook dat is wereldjutten.
Wereldjutten kan op twee manieren:
1. Je hebt een probleem en gaat oplossingen zoeken in een andere wereld
2. Je hebt geen probleem maar gaat andere werelden bezoeken ter inspiratie.

Wereldjutten bij oplossingen

Als je een probleem hebt dat je maar niet weet op te lossen, kun je gaan wereldjutten.
Bij wereldjutten stellen we onszelf de volgende vraag:
In welke andere wereld hebben ze ook met zo’n soort probleem geworsteld en hebben ze er misschien al oplossingen voor gevonden.
Een paar voorbeelden van wat dat kan opleveren:
⁃ BMW keek naar de gameindustrie om zijn iDrive system te ontwerpen
⁃ De demping van Nike Shox-hardloopschoen kwam uit de Formule 1
⁃ De gebroeders Wright bouwden het eerste, daadwerkelijk vliegende vliegtuig met technieken uit de fietsindustrie

Om goed te kunnen wereldjutten moet je het probleem vaak iets algemener formuleren.
Dus niet: welke industrie heeft al oplossingen gevonden voor wachtrijen aan de kassa, maar:
Waar heeft men al oplossingen gevonden voor wachtrijen en of wachttijden.

Je kunt gaan kijken in aangrenzende industrieën. Als je tomatenkweker bent, ga je kijken bij de komkommercollega’s. Maar je kunt ook kiezen voor verder verwijderde werelden. Daar komen meestal de meest innovatieve oplossingen vandaan.

De meest voor de hand liggende andere wereld, hebben we nog niet eens genoemd: het buitenland. Soms zijn daar al oplossingen gevonden binnen je eigen branche. Je kunt ze vinden door naar het buitenland te gaan en daar rond te snuffelen of misschien een beurs op het vakgebied te bezoeken. Maar je kunt ook al veel op Internet vinden.

Het gekke is dat zo weinig mensen het doen. De meesten van ons blijven vooral binnen de eigen branche. Terwijl juist zo veel te halen valt in andere werelden.

Een heel bijzondere vorm van wereldjutten is Biomimicry: kijken hoe de natuur problemen oplost.
Wereldberoemd (nou jou, onder innovatiemensen) is het voorbeeld van de klittenbandplant. Klittenband is afgekeken van de natuur. De uitvinder zag dat de klitten van een plant in de vacht van zijn hond bleven plakken. Hij bestudeerde de plant nauwkeurig, kopieerde vervolgens het iDNA en maakte daar klittenband van.

Andere bekende voorbeelden van Biomimicry:[1] ⁃ Plakband geïnspireerd door gekko’s,
⁃ energie-efficiënte gebouwen geïnspireerd door termietenheuvels
⁃ Antibacteriele oppervlaktes geïnspireerd door rood zeewier

Wereldjutten voor inspiratie
Daarnaast kunnen we naar andere werelden gaan om inspiratie op te doen. Voor deze vorm van wereldjutten hoef je dus geen probleem te hebben. Je gaat gewoon kijken: is er iets in andere werelden wat wij zouden kunnen gebruiken?

Als je geen kluizenaar bent, is de kans erg groot dat je in je normale leven al spontaan andere werelden betreedt:
Je doet boodschappen
Je gaat winkelen
Je bezoekt de kapper
Je gaat naar de tandarts
Je laat je auto repareren
Je loopt langs stratenmakers en hoveniers
Je gaat op vakantie
Je wandelt in het bos
Je bezoekt een stadje
Je bezoekt een museum
Je gaat met het gezin naar de Efteling
Je laat een loodgieter komen
Etc etc
Dat zijn allemaal andere werelden. En al die werelden zijn potentiële bronnen van inspiratie. Maar dan zul je wel met de straatjuttersblik moeten gaan kijken. Met echte aandacht voor wat er te zien is en met Mind Like Child. En met een camera en notitieblokje bij de hand.

Je komt dus al spontaan in heel veel andere werelden, terwijl je normaal je leven leidt.
Maar je kunt het ook versterken en bewust kiezen voor wekelijkse expedities naar andere werelden.
Julia Cameron pleit in haar boek The Artist’s Way voor een kunstenaarsuitje. Een keer per week naar een interessante ’wereld’ waar je normaal niet zo snel zou komen. Geweldig idee.
Maar ik zou daar de Mind Like Child Attitude aan willen toevoegen. En de straatjutmethode om alle hee’s te fotograferen (of anderszins vast te leggen als je geen foto kunt nemen). En vervolgens iDNA af te leiden.

Er zijn duizenden plekken die je op deze manier zou kunnen bezoeken:
– Het ziekenhuis
– Een handwerkwinkel
– Een tentoonstelling waar je normaal niet heen zou gaan
– Het vliegveld
– De Bijenkorf
– Een speelgoedwinkel
– De haven
– Ikea
– Een tuincentrum
– De Efteling
– Een vakbeurs buiten je eigen vakgebied (honderden mogelijkheden)
– Etc

Als je op die manier wekelijks naar andere werelden ’reist’ neem je een geweldige inspiratie-voorsprong op anderen. Kies een vast dagdeel (voor veel mensen is de vrijdagmiddag een prima suggestie), blok het in je agenda en wijk er nooit van af (anders sneuvelt het al snel voor de waan van alledag).
Als je op die manier van wereldjutten een gewoonte maakt zal je een enorm aantal kansen en ideeën verzamelen. Zoveel dat je op je gemak de beste kunt kiezen om daadwerkelijk uit te voeren.
Maar het doet ook nog iets anders met je: het geeft je weer even het gevoel van een kind terug die nieuwe werelden ontdekt, en dat geeft je leven op een heel prettige manier weer kleur. Bovendien blijken nieuwe prikkels goed te zijn voor je hersenen.


[1] Bron: http://www.biomimicrynl.org/nl/